vrijdag 30 september 2011

Week 2 & 3, "school & leisure"

Op maandag 19 september gingen Joy en ik op het “Wheel of Manchester” (het reuzenrad) in het centrum. Het uitzicht op de stad was er prachtig! Daarna deden we nog wat inkopen in het Arndale shoppingcenter, vooral weer huisraad (we hebben nu eindelijk bijna alles wat we nodig hebben!), voor we naar de “Met bar” van de Students Union gingen voor de “Comedy and Curry” night. Martina (onze roommate), Mirko en Cindy (twee van haar vrienden) waren er toevallig ook en we gingen bij hen aan tafel zitten. De curry, hoewel helemaal niet zo “spicy” als ons programmaboekje beloofde, was lekker en er werden ook goede cocktails geserveerd. Iets na 20u begon dan de stand up comedy zelf. Alle vier de comedians waren goed, de ene nog grappiger dan de andere. Vooral omdat sommigen bijna dialect praatten, begreep ik niet alle grappen, maar wat ik wel begreep was hilarisch.

Omdat we onze “timetable” nog niet konden bekijken (Erasmussers konden zich nog niet inschrijven voor hun aparte vakken), wisten Joy en ik niet zeker of we dinsdag al les hadden. We wisten wel dat de les die we normaal iedere dinsdag hebben, om 10u begint, dus gingen we maar voor de zekerheid iets vroeger naar de unief, om te vragen of en waar die les doorging. In het Student Information Point vertelden ze ons dat er deze week alleen nog maar “induction sessions” waren, maar nog geen lessen. Nu we toch in de unief waren, gingen we ondertussen naar het International Office, omdat onze coördinator Helen Nicholson had gezegd dat we normaal nog een introductiesessie moesten bijwonen die door hen werd georganiseerd. Dat bleek niet het geval te zijn, dus hadden we er weer een nutteloos bezoek op zitten (maar we hadden wel gratis koffie en een snoepje gekregen). Op de Poster Sale iets verder in de straat, kocht ik (bij gebrek aan posters van Manchester) een poster van Londen (met typisch Engelse dingen op die je eigenlijk ook in Manchester vindt, zoals de Post Box, het reuzenrad, een telefooncel en een dubbeldekkerbus).  Daarna gingen we naar de Students Union om fietsen te huren. De tweedehands fietsen die we eigenlijk wilden huren, waren nog niet klaar, dus huurden we voorlopig de duurdere nieuwe fietsen voor twee weken.  Voor het eerst konden we naar huis fietsen! We ontdekten dat links fietsen niet zo moeilijk is als we verwacht hadden, en zelfs makkelijker dan wandelen en te voet de straat oversteken, omdat je als fietser gewoon het verkeer moet volgen. Toen we thuiskwamen, was Rashied bezig onze bureaus in elkaar te zetten. Wij aten ondertussen lasagne voor onze pas geïnstalleerde tv (wat een luxe!). Helaas blijkt nu dat we die luxe wel eens zouden kunnen verliezen. We kregen net een brief van de overheid, die zegt dat we illegaal tv aan het kijken zijn. Blijkbaar heeft Rashied geen “tv license” gekocht, zoals hij beloofd had aan de landlord. Maar hij brengt het wel in orde. Tegen morgen. Of misschien het einde van de week. Of zeker volgende week. Toch absoluut voor we weer naar huis vertrekken (zo gaat het altijd als Rashied iets moet doen en dit is het onderwerp geworden van veel grapjes onder de huisgenoten: “Jaja, ik doe dat wel. Morgen. Of tegen het einde van de week. Enz.”)

Rashied had ons ook beloofd dat hij woensdagochtend langs zou komen om onze keukentafel in elkaar te zetten en ons het contract te laten tekenen. We wachtten de hele voormiddag (en keken ondertussen naar een film), maar uiteindelijk heb ik hem rond de middag moeten bellen om te vragen waar hij bleef. Bleek dat hij het weer te druk had. Maar omdat we in de namiddag op school verwacht werden voor een meeting met Dr. Helen Nicholson en het de volgende dagen ook moeilijk zou lukken om af te spreken, kwam hij iets na 13u toch. We konden eindelijk ons contract tekenen en Rashied had de keukentafel mee, maar hij had geen tijd om die in elkaar te zetten. En aangezien wij geen materiaal (boormachine, schroevendraaiers) hadden om dat zelf te doen, zouden we dus nog een dagje op onze tafel moeten wachten. Geen probleem, ware het niet dat we voor die avond een housewarming party/dinner gepland hadden… We zetten dan maar een oude bureau en de tv-kast in de living als tafel. We waren in totaal met dertien mensen, van heel verschillende nationaliteiten: Toon, Joy en ik (België, of course), Martina en Mirko (Italië), Cindy (Columbia, maar leeft al 8 jaar in Engeland), Sara, Mimi en Jane (Maleisië), Jenny (Engeland), Hanna (Zweden), Tim (Australië) en Andrea (Canada). Iedereen had iets meegebracht (gekookt of gekocht) dat typisch is voor zijn eigen thuisland. Op die manier hadden we een tafel vol heerlijke en dikwijls onbekende gerechten en dranken.

Op donderdag 22 september kwam Rashied onze keukentafel installeren. Hij zette die in de keuken, maar de tafel was zo groot en onze keuken (in verhouding) zo klein dat we nauwelijks nog konden passeren. Iets later hebben we de zetels in de living wat gereorganiseerd en de tafel daar gezet. In de namiddag gingen Joy en ik naar de “Freshers Fair”, een soort grote markt met standjes van alle clubs en societies van de Student Union en van enkele bedrijven/winkels. Er waren gratis pizza’s, snoepjes en “goodies”, maar na nog een tweede keer langs de pizzastand te passeren, gingen we toch maar weg. De clubs en bedrijven wilden ons iets te enthousiast voor hen winnen. We gingen samen met Tim iets drinken in het “Deaf Institute”, een café in een gebouw dat vroeger blijkbaar het Deaf Institute was, en waar de muziek ironisch genoeg nogal luid staat. Daarna gingen we samen met de Student Union naar de cinema (wat uiteindelijk neerkwam op wij+ twee begeleiders, omdat niemand anders was komen opdagen) om naar Tinker Tailor Soldier Spy te kijken, een film die je waarschijnlijk vijf keer moet bekijken voor je hem echt snapt, want niemand van ons begreep het helemaal.

Vrijdag hadden we een “induction session”, die nogal nutteloos was voor ons, vooral omdat er geen rekening werd gehouden met de Erasmussers in de zaal. Er werden enkel dingen verteld die we al wisten, en wat ik wel interessant had kunnen vinden, werd overgeslagen met een “jullie zijn derdejaars, dat weten jullie toch al”. Zaterdag ging ik naar een housewarming, zondag naar “the Big One”, een fuif van de Student Union, als afsluiter van de welkomstweek. Er waren verschillende kleuren T-shirts (als ticket) en iedere kleur volgde een andere route van feestlocaties. Maandag deden we een filmavondje, waar we een wekelijkse gewoonte van willen maken.

Dinsdag startten dan de eigenlijke lessen. In de voormiddag (van 10 tot 13u) hadden we “American writing in the Twentieth Century”, met eerst een uur “lecture”, dan twee uren “seminar” in kleinere groepen. In de namiddag (14 tot 17u) hadden we “Critical and Cultural Theory”. Die eerste lessen waren nog niet zo interessant, maar gelukkig hadden we iets heel leuks om naar uit te kijken: die avond gingen Joy en ik naar de Champions League match Manchester United vs. FC Basel kijken! We hadden ’s ochtends onze boterhammen gemaakt en gingen na school nog snel wat “sneukeling” kopen voor tijdens de match. We zetten onze fiets op Piccadilly Gardens, waar er een enorme groep Baselfans verzameld hadden, allemaal met een truitje dat verdacht goed op dat van Barcelona lijkt, en luid aan het roepen/zingen. Ook aan de tramhalte stond het vol met “diehard” Baselfans. Er was dan ook heel veel politie (“bobbies”) op de been om een oogje in het zeil te houden. Het was heel “gezellig” en warm op de tram (lekker dicht bij elkaar) en ook op weg naar het stadion zelf werden we nog steeds omsingeld door honderden Baselfans en tientallen politiemannen. In het stadion zelf konden we ons met onze rode T-shirts gelukkig wat meer op ons gemak voelen, tussen de ManU fans. We hadden een mooie, maar heel hoge plaats in het stadion, waardoor we wel een fantastisch overzicht hadden over het veld. Manchester scoorde in het midden van de eerste helft twee goals in twee minuten, wat de sfeer tussen de ManU fans natuurlijk zalig maakte. Jammer genoeg werden ze door die goals iets te zeker van hun stuk en speelden ze veel slechter in de tweede helft. Basel  scoorde dan maar liefst drie goals (waarvan ook weer twee in twee minuten). De sfeer onder de ManU fans werd nogal gespannen (wat veel uitroepen als “come on boys!” en bij de tegengoals “fucking shit” rond ons veroorzaakte). Gelukkig kon United nog vlak voor het einde van de match de gelijkmaker scoren, wat onthaald werd op een enorm applaus van de fans. Iedereen was opgelucht en de sfeer werd gelukkig wat meer ontspannen, zodat we ook vlot en rustig weer thuis geraakten.

Woensdag en donderdag waren, voor Engeland, enorm mooie en warme dagen en we probeerden daar dan ook zoveel mogelijk van te genieten. Woensdag gingen we met ons lakentje, muziek en eten/drinken naar het park en speelden er wat gezelschapspelletjes (bij gebrek aan een frisbee of bal). Donderdag deden we een barbecue in onze tuin (aka wildernis/jungle, aangezien er enkel onkruid groeit). De les die we donderdagvoormiddag hadden, "History of Text Transmission", was trouwens tot nu toe veelbelovend, het leek in ieder geval een stuk interessanter dan onze eerste twee vakken. We bestelden dezelfde dag ook al zoveel mogelijk boeken op Amazon voor dit vak en voor American writing. We verwachten binnenkort een pakketje met maar liefst 34 boeken (17 voor Joy en 17 voor mij)! Ik denk dat we ons, met twee boeken per week en vier "3000-word essays" te schrijven, niet gaan vervelen...

Wat me verder nog opgevallen is:

Mensen gebruiken hier vaak "love" als informele aanspreking. In de supermarkt bijvoorbeeld is het heel normaal als de kassierster zegt: "that's 2 pounds, love", "do you want a bag, love?" of "bye love!"

Het is hier blijkbaar de mode om je haar in de vreemdste tinten roze/paars/blauw/groen... te kleuren, soms volledig, soms enkele lokken. Ik denk dat ik maar lekker alternatief zal doen en mijn natuurlijke haarkleur zal behouden...

zondag 18 september 2011

York


Op zaterdag 17 september, Joys verjaardag, gingen Joy, Toon (onze roommate) en ik naar York met de International Society. We stapten rond 8u30 op de bus aan het gebouw van de Society. Iets na 10 kwamen we aan en Toon en Joy benoemden me meteen tot “guide”, wat eigenlijk betekende dat het mijn schuld zou zijn als we verloren liepen. Ik had m’n reisgidsje “100 x Noord-Engeland” mee, inclusief plannetje, en we kregen ook een kort overzicht van de bezienswaardigheden en een stadsplannetje van de Society. Dat, samen met mijn fantastisch gevoel voor oriëntatie, zorgde ervoor dat we gelukkig niet verdwaalden. 

De parking van de bus was vlakbij de Clifford Tower, een soort middeleeuwse toren/fort, dus dat was onze eerste stop. Vanop de toren hadden we een mooi uitzicht op de stad, en ik kon er veel foto’s nemen (iets waar Toon en Joy me voor de rest van de dag mee zouden plagen: “kijk Ans, heb je al een foto genomen van dat bordje daar?”). In de souvenirshop van de toren kochten we postkaartjes en toen Joy al naar buiten was, kochten Toon en ik snel een kroon, om die om 14u15 aan Joy te kunnen geven, want op dat moment werd ze precies 20 jaar (Joy schrijft haar blog gedetailleerd, in de zin van “om 10u15 deden we dit, om 10u30 dat”, dus moesten we ook haar precieze geboortedatum respecteren natuurlijk :p).

Na het bezoek aan de toren aten we middageten in Dickinson’s, een heel gezellig restaurantje. Daarna gingen we naar het National Railway Museum. We zagen er veel mooie oude stoomtreinen, maar waar we (of ik toch) vooral voor gekomen waren, was de Hogwarts Express. Na een lange zoektocht in het museum, bleek de trein gewoon buiten te staan op het spoor, inclusief stinkend zwarte rookpluim. We keerden terug naar het centrum van de stad via de Museum Gardens, wat een prachtige tuin is bij het Yorkshire Museum. Daar kreeg Joy haar kroon, die ze daarna bijna de hele dag heeft gedragen. Iets verder konden we de stadsmuur op. We maakten een mooie wandeling op de stadsmuren, van waarop we vooral de kathedraal “York Minster” heel goed konden bewonderen.

Onze laatste stop was “Bettys”, volgens mijn reisgids de beste tearoom van heel Groot-Brittannië. Er stond een behoorlijk lange rij te wachten op de trap om een plaatsje te vinden in de tearoom boven, maar ons geduld werd beloond. De beroemde “Yorkshire Fat Rascal”, een warm opgediende scone, was heerlijk en ook de “Latte Latino”-koffie was lekker. Helaas was het daarna al tijd om terug te keren naar de bus. We hebben geen tijd gehad om alle museums te bezoeken die aangeraden werden (zoals het Jorvik viking museum, of het Castle museum), maar we zagen wel veel van de stad zelf. En die stad is heel mooi, met een redelijk middeleeuwse uistraling (veel typisch Engelse huizen, kathedraal, stadsmuren, torens…). Een heel leuke uitstap.

’s Avonds, in ons huis, vierden we Joys verjaardag verder. We aten chocoladetaart (inclusief kaarsjes op Joys stuk) en gaven haar een verjaardagskaartje van alle roommates. Ik gaf haar ook het cadeautje dat ik uit België meebracht; een kookboek met Nutella-recepten. We sloten de avond in schoonheid af met Monsters en Co.

vrijdag 16 september 2011

De eerste dagen

Na afscheid te nemen van de “thuisblijvers” op mijn afscheidsfeestje op 11 september, begon op 13 september 2011 ons grote avontuur: Joy en ik vertrokken naar Manchester, voor ruim drie maanden. Het was vroeg opstaan om op de luchthaven van Zaventem te geraken, maar dat Bo en Papa meekwamen, verzachtte de pijn een beetje. Om 10u10 vertrok het vliegtuigje (het was echt klein, en zat ook maar voor een kwart gevuld) naar Manchester. Ik was eerst een beetje bang in het vliegtuig, maar het was een rustige vlucht, en het was echt mooi om de streek rond Manchester vanuit de lucht te zien. Als je in de stad rondloopt, dan is het heel vlak, maar vanuit de lucht zagen we dat er veel heuvels rond zijn. Manchester is trouwens genoemd naar een “breast-shaped hill”, volgens onze gids van vandaag... 

Op de luchthaven van Manchester werden we opgepikt door een studente van onze Manchester Metropolitan University, die ons samen met andere internationale studenten naar het station van de luchthaven bracht. Daar gaf iemand van het International Team van de MMU ons allemaal een Engelse SIM-kaart en even later werden we naar de taxi’s gebracht. De taxi zette ons aan de deur van ons huis af, en hielp ons zelfs met onze zware valiezen. Wat een luxe! We hebben niet moeten sleuren met onze valiezen en niet moeten zoeken naar ons huis. Toen we aanbelden (en daarna klopten, want de bel doet het niet) was er niemand thuis, dus belden we Rashied, de “agent” die ons het huis verhuurt. Hij vertelde toen waar hij twee sleutels had verstopt voor ons. Nadat we onze valiezen binnen zetten, zijn Joy en ik direct vertrokken op zoek naar een supermarkt. Op het enige stadsplan dat we hadden, staat ons deel van de stad niet, maar gelukkig hadden we ook een “Google Maps”-kaart van ons huis naar de unief. Door die twee samen te leggen, liepen we niet verloren. In het doorgaan, ging de wandeling vlot, maar in het terugkeren hebben we serieus afgezien met onze zware zakken met boodschappen.

Als we terug waren, was onze Antwerpse roommate Toon thuis, die echt leuk is, net als Martina, onze Italiaanse roommate. In totaal zijn er zo 4 van de 6 kamers in gebruik. De andere twee zijn veel kleiner en staan voorlopig vol met al het materiaal dat wij uit onze kamer hebben weggehaald, maar zijn potentiële logeerkamers. Misschien wordt één van die kamers zelfs nog verhuurd. Het huis is op zich echt mooi (typisch Engels), met grote kamers, maar er stonden nog nauwelijks meubels toen wij aankwamen. Bedden, kleerkasten, kastjes, kwamen er allemaal pas donderdag en het internet pas vrijdag, dus enkele dagen nadat we er waren en meer dan een week nadat Toon er was. Nu zijn er nog altijd een paar dingen die ontbreken, zoals een keukentafel (voorlopig eten we met de borden op onze schoot in de zetel) en bureaus. Er is ook nog wat kuiswerk (daar begonnen we onze eerste avond al aan) en we moeten nog veel kopen (zoals potten en pannen, kuisgerief), maar eens alles in orde is, zal het een leuke plaats worden om te wonen voor enkele maanden.

Woensdag 14 september waren de eerste infosessies voor internationale studenten. We wandelden naar onze campus van de MMU (All Saints), wat ons ongeveer een halfuur duurt. Hopelijk kunnen we binnenkort een fiets huren of een busabonnement kopen, want al dat wandelen begint lastig te worden, zeker omdat Joy pijnlijke blaren heeft op haar voet. Tijdens de infosessies werden we geïnformeerd over de MMUnion (Students Union), safety, de International Society. Na de infosessies gingen we direct naar het gebouw van de International Society om ons lid te maken. We boekten meteen onze eerste trips, naar York, Liverpool en Oxford. Sindsdien raden we alle Erasmusstudenten die we ontmoeten de International Society aan, zodat we samen met hen uitstappen kunnen doen. Zo gaan we normaal al samen met twee meisjes uit Maleisië (Sara en Mimi) naar Liverpool. Sara en Mimi ontmoetten we woensdagavond op onze eerste uitstap. Dat was een “meal” en “Ceilidh” (traditionele Gaelic muziek en dans met partners in een cirkel), georganiseerd door onze school. We moesten daarvoor een lange busrit maken en lang op ons eten wachten, maar het was zeker de moeite waard. Hoe slecht ik ook ben in dansen (net als de nogal rare Amerikaan waar ik mee danste), ik heb me super geamuseerd!

Op donderdag 15 september gingen we pas laat naar school, omdat we eerst op de meubels moesten wachten. Toen we onderweg waren naar school, kwamen we ook een grote stand met tweedehandsboeken tegen, en als literatuurstudenten moesten we daar natuurlijk eens goed rondkijken. Joy en ik kochten er elk een paar heel leuke boeken. Dan hebben we nog wat op internet geweest op school en pas daarna hebben we uiteindelijk zo’n 10 minuutjes op de Information Market rondgelopen, waar we eigenlijk voor kwamen. Maar veel was er niet te zien en het meeste hadden we al gehoord op de infosessies. Dan zijn we voor het eerst naar het centrum van de stad getrokken en nu pas zag ik hoe mooi Manchester is! Het heeft heel veel mooie gebouwen, zowel oude als hypermoderne glazen gebouwen naast elkaar, en volgens de gids is dat ook wat Manchester zo mooi maakt. Veel gebouwen kwamen er na een wedstrijd voor het beste architecturale ontwerp. Wat opvalt, is dat de meeste gebouwen hier van rode baksteen zijn gemaakt, zelfs de gebouwen die er classicistisch uit zien en bij ons uit wit marmer zouden gemaakt zijn. We zaten even in “Piccadily Gardens”, een soort parkje in het centrum en gingen naar het Arndale shoppingcentrum, dat echt gigantisch groot is en heel veel leuke winkels heeft. Omdat onze voeten zo’n pijn deden, namen we de bus terug.

Op vrijdag 16 september deden we de “Culture and Heritage walking tour” (weer “walking”!), ook door de MMU georganiseerd. Hoewel het vele wandelen soms echt lastig was, ben ik blij dat we het gedaan heb. We kregen een rondleiding met een gids en zagen de mooiste plekjes van het centrum. Hij toonde ons interessante gebouwen en plaatsen en vertelde ook de soms grappige verhalen erachter. Enkele weetjes: het symbool van Manchester is een bij, niet omdat er hier zoveel zijn, maar omdat de mensen van Manchester zo “industrious” zijn en hard werken. Londenaars merken vaak op dat het standbeeld van Albert, de man van Queen Victoria, dat bij de Town Hall in Manchester staat, verdacht goed lijkt op het Londense beeld, maar het zijn de Londenaars die het “gefaket” hebben. Er was een bomaanslag in het centrum van Manchester in 1996, maar die ochtend kreeg de politie een bommelding binnen en gelukkig beslisten ze toen om het hele centrum te evacueren! Net toen ze een verdacht busje opmerkten en een robot die ging ontmijnen, ontplofte dat busje. Niemand stierf, door de evacuatie. De gebouwen rondom waren helemaal kapot, alle ramen in een cirkel van een mile waren uit de gebouwen geblazen, maar de Royal Mail brievenbus  aan de overkant van de straat bleef overeind staan en was nauwelijks beschadigd. Daarom wordt die nu de “Luckiest Post Box of Manchester” genoemd, en mensen die een belangrijke brief hebben, waarvan ze willen dat hij zeker bezorgd wordt, posten die brief daar. Er is ook een heel groot driehoekig glazen gebouw in het centrum, maar de top van de driehoek lijkt “afgesneden”. Dat deed de architect omdat de priesters niet wilden dat het gebouw hoger werd dan de kathedraal. Wel zette de architect een soort pin op zijn gebouw, die echter niet omhoog naar God wijst, maar vooruit, richting Town Halll, want volgens hem was de stad belangrijker dan God. In Manchester is er een North Quarter dat qua stijl van gebouwen (redelijk grauw, met brandladders) heel good op Manhattan/New York lijkt. Zo goed dat twee films die zich eigenlijk in New York afspelen, hier werden opgenomen.

Nog enkele dingen die me opgevallen zijn: het accent is hier typisch Brits, maar in plaats van een “u” zeggen ze meestal een “o”, bv. Good luck klinkt als good lock. De meeste mensen praten redelijk verzorgd, maar de buschauffeurs kan je echt niet verstaan. 

Ze zeggen hier dikwijls “bye now” en “cheers”. Een mooi Engels spreekwoord dat een docent van de MMU gebruikte om te benadrukken dat we met al onze problemen bij haar terecht kunnen, is: “A problem shared is a problem halved”. 

Dat de Britten links rijden, is niet alleen iets raars om te zien, het kan ook gevaarlijk zijn. Je moet hier eens proberen de weg over te steken: 99% kans dat je naar de verkeerde kant kijkt. Dat wordt wennen, ik hoop dat ik zo geen ongelukken tegenkom, want het is al nipt geweest!